Image Image
 
Maaswijdteproef naar ontsnapping slips Afdrukken

Image 

6 juli

Hoe zit het precies met de vangsten en verliezen van (kleine) tong bij maaswijdtes van 70, 80 en 90 mm? Die vraag staat centraal bij een maaswijdteonderzoek met medewerking van bedrijfsschepen dat binnenkort van start gaat. De proef wordt vanuit IMARES begeleid door Floor Quirijns. Afgelopen zaterdag was er met de deelnemende vissers een voorlichtingsbijeenkomst in IJmuiden.
LNV heeft goedkeuring van Brussel gevraagd om experimenten uit te voeren met de boomkor bij 70 mm, 80 mm en 90 mm maaswijdtes. De zogenaamde ‘selectiecurven’ van netten met deze maten dateren nog van de jaren 80 en zijn dus sterk verouderd. De informatie moet hoognodig geactualiseerd, want op basis van onder meer deze selectiecurven worden beslissingen genomen voor het visserijbeheer. Doel van het onderzoek is om op een voor iedereen transparante manier duidelijk te maken wat je vangt en niet vangt aan tong en schol met netten met respectievelijk 70, 80 en 90 mm.

Aan de proef doen de volgende kotters mee: BR 43, TX 38, UK 45, HD 4 of HD 4 en mogelijk de Eurokotter OD 50. Deze schepen zullen over een periode van een jaar gedurende één reis per kwartaal met de verschillende maaswijdtes vissen en de resultaten vergelijken en interpreteren. De deelnemende kotters geven volgens Federatievoorzitter Ben Daalder een goeie weergave van de platvisvloot en de verspreiding over de Noordzee. De Federatie hecht er aan dat door het onderzoek duidelijk wordt welk percentage marktwaardige vis verspeeld wordt bij de diverse maaswijdtes en wat de winst voor de discards is geweest bij de maaswijdtevergrotingen van 70 naar 80 naar 90 mm. Veel vissers beweren dat ze teveel marktwaardige tong verspelen met 80 mm. Er zijn tevens vissers met de overtuiging dat de maaswijdtevergroting niet in het voordeel van de visstand is geweest en ook niet tot minder discards heeft geleid. Uit de oude selectiecurven zou blijken dat 30-40 procent van de tongslips ontsnapt bij 80 mm en dat ook van tong I een percentage ontsnapt.

Volgens Ger de Peuter van de Directie Visserij is het absoluut niet de bedoeling van het onderzoek om de discussie over de 75 mm te helpen opstarten. De Peuter: ,,Het onderzoek is gericht op het opnieuw vaststellen van de selectiecurve, om daarmee betere voorspellingen te doen over de vangsten bij het gebruik van de 80 mm. Daarbij wordt de 70 in een beperkt aantal trekken als referentie gebruikt en vergeleken met de 80 mm. De uitkomsten worden gebruikt bij berekeningen in het kader van de wetenschappelijke vangstadviezen. Bij het vragen van toestemming voor dit onderzoek bij de EU heeft de Nederlandse overheid ook met nadruk aangegeven dat het geenszins de bedoeling is om de discussie over de 75 mm aan te zwengelen. Dit zou ook onverstandig zijn. Het zal leiden tot meer discards en past niet in de discussie over een duurzamer platvismanagement.’’

Verbeteren
Medewerker communicatie Wim van Densen van IMARES wijst op de positieve aspecten van deze onderzoekssamenwerking tussen sector en biologen. ,,De oude informatie wordt nog steeds gebruikt, in Brussel maar ook op de visserijscholen, terwijl in 25 jaar toch heel veel veranderd is. Het onderzoek laat in zijn opzet aan duidelijkheid niets te wensen over. Iedereen ziet wat er gebeurt en kan meedenken. De uitkomsten van de proef moeten snel beschikbaar komen voor de visserman en op een goede manier naar buiten worden gebracht.’’ Hij ziet in de proeven (net als bij het f-project en discardsonderzoek) een goede manier om de communicatie en discussies tussen vissers en onderzoekers te verbeteren.(bron: Visserijnieuws)